1905 Met de auto van Boekarest over de Kaukasus

Het was een krijgshaftige expeditie! Toch reden we door een liefelijk dal met goede wegen; toen het enger werd en de bergen dichter naar de rivier [94]drongen, hingen de bloeiende rododendrons boven ons hoofd en vormden een troonhemel, en wilde azalea’s bedekten de weiden, die op de steile hellingen lagen.

Nu hebben we werk voor onzen Kozak, die eindelijk zijn sabel eens kan gebruiken. We sturen hem in de azaleavelden en naar de rododendrons. Die sabel is heel geschikt, om bloemen mee te snijden. Een geurige oogst kregen we in de rijtuigen. Het leek wel, of we naar een bloemencorso trokken.

De Kozak ging weer zitten op de trede en wij zochten weer naar rovers, die we niet vonden.

Maar gevaarlijk was het er niettemin. diezelfden avond in den trein naar Koetaïs bleek het land tussen Batoem en Koetaïs in opstand, en alle voorzorgsmaatregelen waren genomen. Wij hoorden, dat aan het station, toen de auto’s ingeladen werden, de stakende werklieden, die de machinisten Frans hoorden spreken, gezegd hadden: “Uw meesters zijn fransen! Zeg hun, dat ze overal veilig zijn.”

Dus zijn wij gerust, want van de zijde van het gouvernement waren ons Kozakken meegegeven.

Koetaïs heeft een beroemden bazaar, waar alle typen zich vertonen, die den Kaukasus bevolken. En het land om Koetaïs had veel te lijden van den regen. Het heeft eigenlijk elken dag geregend in den Kaukasus. De overvloed van dat hemelvocht heeft een noodlottige invloed gehad op onze reis en op de beslissingen, die we moesten nemen tijdens onze week in Tiflis.

Daarheen vertrokken we den 29sten.

Op het perron hoorden we bij aankomst al, dat de helft der stad in staking was, dat men de hotels had gesloten, en dat de bedienden weigerden te werken. De trams reden niet. Dat was zoo erg niet, maar nu hadden ook de spoorwegbeambten het bijltje erbij neergelegd, en onze trein was de laatste, die in langen tijd in Tiflis zou aankomen; gelukkig bleek het bericht ongegrond, want een deel van ons gezelschap, dat zich bij het vertrek van Koetaïs verlaat had en niet met den trein was meegekomen, arriveerde den volgende morgen.

Tiflis is de hoofdstad van Georgië, tegenwoordige residentie van den onderkoning van den Kaukasus; er zijn 200,000 inwoners en de stad wordt doorsneden door de Koer, een snelstromend, grijs water.

Wij willen hier:

1. Tiflis bezien.

2. Per auto den militairen weg van Georgië naar Wladikawkas afleggen.

3. Naar Eriwan gaan per auto, langs het meer Goktsja en een bezoek brengen aan den Catholicos van Esjtmiadzin, den Armenische kerkvorst.

4. Nodige inlichtingen inwinnen over onze reis in Perzië en beslissen over den te nemen weg.

5. Aanschaffen wat nodig zal zijn voor den tocht door de woestijnen van Perzië. Wij weten nu, dat we het moeilijk langer dan twaalf uren zonder voedsel kunnen stellen.

Niets meer dan dat.

Wij hadden brieven voor enkele personen in Tiflis en we werden er zeer gastvrij ontvangen. We moesten den gehelen dag eten, een goede voorbereiding voor den aanstaanden vastentijd in Iran. Wij bekeken de bazaars in gezelschap van den fransen consul, die ze goed kent. Ook werden we naar een karavanseraï gevoerd, waar Perzische kooplui bibelots, wapens en antieke stoffen te koop aanboden.

De Perzen met hun fijne, bruine, magere gezichten zaten er op matten. Ze lieten ons moderne ringen zien, middelmatige wapens, ijzeren dieren, met zilver ingelegd, wat nog nieuw werk was uit Ispahan, en enkele kaschmireesche stoffen, waarvoor ze buitensporige prijzen vroegen.

Wij zullen maar wachten tot we in Perzië zijn met het aanschaffen van Perzische dingen.

Het plan, om tot Wladikawkas te rijden, moest worden opgegeven, want de pas is te hoog en we zouden door de sneeuw worden opgehouden. Daarbij was het weer altijd maar ellendig, en de inwoners van Tiflis zeiden, dat ze nooit zulk weer hebben gehad in het begin van Mei. De zeldzaamheid van het verschijnsel is voor ons maar een kale troost.

Wat te doen? Naar Eriwan gaan? De wegen zijn niet berijdbaar.

Wachten? Het regent sinds drie weken; het kan nog wel veertien dagen regenen; dan treffen we de grote hitte in Perzië en dan adieu! tocht door de woestijn en reis naar Ispahan.

intussen bleef het maar regenen en wij bleven maar beraadslagen, hoe we naar Perzië zouden komen. Het waren discussies aan de maaltijden en aan de thee, en ze werden in onze particuliere vertrekken met frissen moed weer opgevat. Emanuel Bibesco was de eerste, die een vast besluit nam, namelijk om zijn auto naar Marseille terug te zenden met een Franse boot van Batoem.

Waarna ik met energie het plan verdedigde, om, daar wij onzen tocht begonnen waren om Perzië te bezoeken, en daar de revolutionairen nog wel treinen lieten lopen naar Bakoe, daarvan gebruik te maken en dan met de boot over de Kaspische Zee naar het verlangde land te varen. Zondagavond vertrekt een boot, laat ons daarmee gaan en laat ons de auto’s stil te Tiflis achterlaten.

Binnen een half uur was toen alles in orde en dat plan onverbrekelijk vastgesteld. Alleen Leonida verklaarde, dat hij in Teheran wou aankomen over land en in een auto, dat hij over Eriwan en Tabris gaan zal en dat, al moest hij zijn wagen in brokjes door kamelen laten dragen, hij er zal komen.

Georges Bibesco heeft een tolk geëngageerd, den Tsjerkess Hassan. Hassan word gecenseerd Russisch te kennen en ook Perzisch en Frans te spreken.

Hij zal ons naar Teheran vergezellen. Kent hij wezenlijk Perzisch? Dat weet ik niet; maar wat ik wel weet, is dat hij het Frans alleen door gebaren spreekt en zoo onderhouden we ons ook in het Russisch. Hoe het zij, Hassan ziet er met zijn krulharige muts, zijn groten nationale mantel of boerka en de vierentwintig kleine kokertjes op zijn borst, die kruit moesten bevatten, maar waarin wij wel poudre de riz voor onze dames kunnen doen, zeer indrukwekkend uit. Hij doet aan ons prestige goed.

Reizigers hebben beweerd, dat de Kaukasus een [95]land van bergen is, en aardrijkskundigen houden vast aan dezelfde stelling. Zij hebben een Kasbek bedacht, die zijn top meer dan 5000 M. in de lucht zou verheffen, en een Elbroes van 5600 M.

Share

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *