1905 Met de auto van Boekarest over de Kaukasus

We zouden onze machines in Galatz weervinden, om door Bessarabië te rijden.

De lucht was helder en de barometer stond goed. We moesten den volgende en daarop volgende dag mooi weer hebben, want de bessarabische wegen zijn niet veel meer dan voetpaden door weke aarde.

Omhelzingen, handdrukken, eerste genietingen van fotografietoestellen, en we zeiden Boekarest vaarwel. Er liggen zestig kilometer tussen die stad en Giurgevo, kilometers van een goeden Roemeense weg, wat gelijk staat met een middelmatige fransen. Het land was vlak met een paar reeksen niet zeer hoge heuvels. Ik zocht de Donau aan den horizon, maar vond ze niet. Te Giurgevo hadden we een zeer vrolijk ontbijt. De musici uit de plaats kwamen uit hun schoen- en kleermakerswerkplaatsen, trokken hun beste jas aan en maakten muziek voor ons; daarna dansten we in de grote sociëteitszaal. Zullen we ook te Teheran dansen?

Laat ons nu naar de Donau gaan, die een paar kilometer van de stad is verwijderd. Daar is het gele water, en aan den overkant in de verte de Bulgaarse oever. Bij de aanlegplaats der booten vonden we onze bagage, die met den trein was gekomen. Ieder van ons zocht alles na, om te zien of alle dozen en koffers en valiezen en shawls waren meegekomen.

Ik bewonder die reizigers, die, als ze naar verre landen en onbekende streken gaan, het nooit over hun bagage hebben. Het schijnt wel, of zij geen lichamen van vlees en bloed hebben, en of ze ongevoelig zijn voor kou en regen, dorst en honger. Zulke reizigers zijn wij niet. Wij hebben schoon linnen nodig en nog allerlei andere dingen, en het meesleepen van al die benodigdheden is een dagelijkse zorg van de reis. Elken dag moesten we valiezen in en uitpakken, dekens en shawls oprollen en ontvouwen, als men doodop is van moeheid. De lezer wordt verzocht medelijden met ons te hebben, maar bij onze manier van reizen is het onvermijdelijk.

Wij zijn met ons zevenen reizigers en drie chauffeurs. We hebben ieder recht op twee valiezen, ten onrechte handvaliezen genoemd. Alleen onze fotografietoestellen vormden een heel bataljon. Ook waren er koffers, die op eigen gelegenheid treinen namen of booten of met de post reisden. Ze maakten een plezierreisje, en heel zelden ontmoetten wij ze op onzen tocht. We vonden ze soms op het onverwachtst en altijd met hetzelfde verbaasde genoegen.

Op het dek van de Donaustoomboot waren we zelf [87]verwonderd, dat we nu heus vertrokken waren. Het was een eentonig landschap, en de rivier was zoo breed, dat men bijvoorbeeld licht den oever van een eiland in de rivier voor den tegenoverliggende oever der rivier kan aanzien. Den 12den April waren we te Braïla, een grote Roemeense uitvoerhaven, lelijke en moderne stad, en toen volgde Galatz, waar wij ons moesten inschepen op een Russische stoomboot, die naar Odessa ging. We vonden de auto’s op de kade. Ze moesten nu aan boord worden gebracht en dat was geen gemakkelijk werk. Een platboomd vaartuig kwam langszij met de wagens; maar de stoomboot had geen kraan, sterk genoeg, om ze op te hijsen. Een losse brug leidde van de kade naar de schuit, en van daar legde men balken en planken naar het dek van de stoomboot. Het was een helling van 40 ten honderd. Georges Bibesco bracht den motor in beweging; de raderen draaiden. Dertig arbeiders en Russische matrozen tilden het zware ding op, en eindelijk was de machine aan boord. De beide andere werden op dezelfde manier opgehesen. De inscheping duurde twee uren, en daarbij klonken vrijwat vloeken, Russische, Roemeense, Turkse en zelfs Franse. Onze oren raken langzamerhand gewend aan het niet en het da der Slaven. Emanuel Bibesco heeft er spijt van, dat hij zoo gemakkelijk talen leert en van zijn onvoorzichtigheid, Russisch te leren, want reeds vallen wij hem lastig met allerlei vragen.

We hadden heel wat vertraging toen we van Galatz vertrokken, iets, waarom de kapitein zich niet bekommert. Op de kade zonden vrouwen uit het volk afscheidsgroeten toe aan een armen soldaat, die naar den oorlog ging, naar het verre, vreemde Mandsjoerije. Een uur na het vertrek waren we te Reni, Russisch douanestation. Maar onze aanbevelingen waren gericht aan de autoriteiten te Ismaïlia, waar wij aan wal zouden gaan. Het duurde lang, voor het met de douane in Reni in orde was. Ze zeiden, dat ze moesten wachten op den Gouverneur-Generaal van Bessarabië. Bij voorbaat waren wij slecht te spreken over de Russische ambtenaren. De Gouverneur kwam met een geleide van prachtige officieren. Hij stapte naar de auto’s op het dek, keek er naar en had een langdurig onderhoud met den kapitein. Reeds zagen we ons den voortgang verhinderd en allerlei moeilijkheden met de douane; maar toen de man weg was, hoorden we, dat hij bevel had gegeven, om op alle manieren onze reis door zijn gouvernement te vergemakkelijken.

Toen ging het verder de Donau af naar Ismaïlia; we kregen de eerste Kozakken te zien; een ruiter op een klein paardje reed langs de rivier aan den linkerkant. Rechts ligt de Roemeense Dobroedsja, een vlakte, begrensd door lage bergen. Links is Bessarabië met kudden schapen, oude wilgen, zandige oevers, schaars gras, alles overgoten met een rosse tint.

Wie heeft ooit kwaad gesproken van de Russische douane en politie? Laat men zoo iemand naar mij toe zenden. De douane en de politie vlagden te onzer eer; er werd geen enkel van onze achtentwintig valiezen en onze zes koffers geopend, en de chef van de politie bracht zelf de wapens naar beneden, die wij invoerden, het verbod daarbij over het hoofd ziende.

Een eigenhandige brief van den minister van binnenlandse zaken bezorgde ons die gemakkelijke entree in Rusland. Zonder veel moeite werden de auto’s van boord gebracht, en op de kade stond het vol mensen. Arbeiders en handwerkslieden drongen op ons toe; heldere boerenoogen keken ons aan uit gebruinde gezichten; maar de stank, die uit de menigte opsteeg, was om iemand ziek te maken. Meer dan een uur moesten we het uithouden, terwijl een deel der bagage naar Odessa werd afgezonden en het andere op onze rijtuigen werd geladen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *